

Berlijn kent veel van dit soort binnenhoven die merendeels stammen uit begin twintigste eeuw toen de stad een reusachtige groei doormaakte. In die tijd waren deze binnenhoven verre van rustig. Integendeel, er heerste toen veelal een hels kabaal door industriële bedrijvigheid. In de tijd na de 2e Wereldoorlog is veel luidruchtige bedrijvigheid uit de hoven verdwenen en ontstonden kansen om ze te herontwikkelen 30 tot rustige plekken.
K77 is een mooi voorbeeld van hoe een binnenhof kan worden vormgegeven als publiek toegankelijke rustige plek. Hier is in zelfbeheer een groene oase ontwikkeld die hier als casus dient voor hoe in een dichtbebouwde omgeving binnenhoven, mits goed ontworpen en toegankelijk, kunnen functioneren als plekken waar je je even kunt onttrekken aan de drukte.
Welke factoren bepalen of een binnenhof succesvol is als luwteplek? En welke rol speelt geluid daarbij?
Allereerst zijn fysieke factoren bepalend. De afscherming van de omliggende bebouwing zorgt dat geluiden van buiten maar beperkt doordringen. Daarnaast bepalen onder meer de bodem (verhard of onverhard), de mate van vergroening, de gebruikte bouwmaterialen en de geometrie van de ruimte (gladde, evenwijdige gevels veroorzaken onaangename geluidsweerkaatsingen) of het binnenhof een aangename akoestische verblijfskwaliteit heeft.
Ook vorm, maat, materiaal en detaillering van de toegang of doorgang (wanneer het gaat om een poort) bepalen hoe en in hoeverre geluid uit de omgeving in het binnenhof doordringt. De doorgang werkt als overgang tussen twee akoestisch verschillende ruimtes, maak deze overgang beleefbaar. (zie ook: Grenzen in de geluidsomgeving)
Functionele mix. Meervoudig ruimtegebruik in de vorm van een uitgebalanceerde mix van wonen, publieke functies en bedrijvigheid zorgt voor levendigheid en voor een rijke mix aan geluiden. Een binnenhof hoeft niet (dood)stil te zijn om aantrekkelijk te zijn als rustige plek. Juist niet.
Geen of beperkte doorgangsmogelijkheid. Wanneer een binnenhof toegang heeft tot meerdere straten kan het aantrekkelijk worden als doorsteek voor (gemotoriseerd) verkeer, wat afbreuk doet aan de rust.
Mate van zelfbeheer. Wanneer bewoners / gebruikers betrokken zijn bij het ontwerp en beheer van een binnenhof zullen zij zich verantwoordelijk voelen en zorg geven aan de ruimte. Bij K77 is gelijk duidelijk dat de plek zorg krijgt en niet een plek van niemand is. (zie ook: Co-creatie)
De mate van toegankelijkheid. Een afgesloten binnenhof (gated community) is niet publiek beleefbaar. Dat betekent enerzijds dat de ruimte stiller zal zijn door het ontbreken van bezoekers en anderzijds dat de ruimte ook niet kan worden gehoord door bezoekers. Een permanent afgesloten binnenhof is een verarming van de sociale stedelijke ruimte. Het kan nodig zijn om het hof 's avonds af te sluiten om de nachtrust te bewaren.
Sociale veiligheid. Wanneer het geluidsniveau laag genoeg is in het hof zullen mensen eerder geneigd zijn hun ramen open te zetten. Dat verhoogt de sociale veiligheid (ears and eyes on the court). (zie ook: Luwteplek: Coentje Gansplantsoen, Amsterdam)
Eigendomsverhoudingen. Tenslotte spelen de eigendomsverhoudingen en de sociale mix van de bewoners een rol. Een gesloten bouwblok biedt afscherming van geluid van buiten maar dat betekent dat het tegelijkertijd ongewenste geluiden die in het blok ontstaan gevangen houdt. Neem een 19e eeuws gesloten bouwblok bestaande uit circa 50 panden, met een veelvoud aan woningen en evenzoveel of (veel) meer eigenaren. Deze versnippering in eigendom heeft invloed op het geluid. Hoewel de panden 150 jaar geleden vrijwel tegelijkertijd zijn gebouwd is nu altijd wel één of meer eigenaren dat panden stript, verbouwt, renoveert of uitbreidt (onderkelderen of optoppen). Dat betekent in de praktijk dat de binnenplaats vrijwel continue is gevuld met sloop- en bouwgeluiden, het is er nooit meer rustig.
Geluiden faciliteren
Afscherming
Vergroenen
Bron van deze tekst: